Rosé d’Anjou

de Glinde

Het was in de jaren ’70 van de vorige eeuw dat Rosé d’Anjou zich in een bijna grenzeloze populariteit mocht verheugen. Het waren de jaren van de eerste rosé hype en de wijnboeren rondom de stad Angers konden hun geluk niet op. Waren het eerst de trendy bistro’s in Parijs die de rosé ontdekten, al gauw verspreidde de Rosé d’Anjou zich als een ware olievlek uit. Eerst natuurlijk Frankrijk maar al gauw ook België en de landen van Noord Europa. Nederlanders, altijd op zoek naar goedkopere wijnen, volgde uiteraard ook snel.

Zoals het vaak met trends gaat, prijzen dalen, kwaliteit holt achteruit en al gauw heeft het product niets meer te maken met het origineel. En zo ging dat ook met Rosé d’ Anjou; het werd een waterig, weeïg zoete wijn. De consument was het al gauw zat. De naam raakte besmuikt. Rosé d’Anjou werd synoniem voor banaal zoet. Nee voor echte rosé moest men in de Provence zijn. Kruidig, temperamentvol. Dat waren nog eens rosé’s.

Maar zie, het tij voor Rosé d’Anjou is gekeerd. Wijnboeren in Angers en daarbuiten hebben hun leven gebeterd en maken nu weer rosé met spanning, met smaak waar de tonen van klein rood fruit als ware uitknallen!
Rosé d’Anjou is hip, Rosé d’Anjou mag weer!

En dat geldt zeker voor deze rosé van het huis Foucher Lebrun: Deze wijn heeft een licht oranje kleur. Fris, zoetig en is heerlijk sappig!

Het huis Foucher Lebrun, van oorsprong vatenmakers in Noord-Frankrijk, startte in 1921. De druiven die zij zelf op kleine schaal verbouwden begonnen zij ook te vinifiëren. Naast het maken van eiken fusten, werd het wijnmaken in de familie steeds belangrijker. Vandaar dat in de jaren ‘50, binnen de familie, een tak zich ging bezig houden met het maken van fusten en een andere tak met het maken van wijn in de Loire-vallei. Men heeft in de loop der jaren meer wijngaarden aangekocht in de Loire-vallei en is uitgegroeid tot een gerespecteerd wijnhuis.