Nieuws van Wiebes

Bart Riteco

Per 1 januari 2015 wordt de termijn van artikel 13 Wet op belastingen van rechtsverkeer (Wet BRV) weer teruggebracht naar 6 maanden. De termijn van 6 maanden genoemd in artikel 13 Wet BRV is bij het Belastingplan 2013 verruimd tot 36 maanden indien de vorige verkrijging door een ander heeft plaatsgevonden tussen 31 augustus 2012 en 1 januari 2015 (artikel 3 Uitvoeringsbesluit BRV). De maatregelen werken na 1 januari 2015 nog wel door als de vorige verkrijging respectievelijk de eerste ingebruikneming of de eerdere verhuur heeft plaatsgevonden voor 1 januari 2015.

Woning in aanbouw en eigenwoningregeling
Naar aanleiding van de uitspraken van de Hoge Raad van 3 oktober 2014 (HR:2014:2872 en HR:2014:2873), waarin de Hoge Raad heeft geoordeeld dat de wet geen hypotheekrenteaftrek toestaat voor een nieuwbouwwoning tot het moment van heien of fundering leggen, heeft Wiebes aangegeven dat de uitleg van de Hoge Raad van het begrip ‘woning in aanbouw’ in artikel 3.111 lid 3 Wet Inkomstenbelasting een andere is dan die de wetgever voor ogen heeft gestaan. De wetgever beoogde ook in de situatie dat concrete stappen zijn gezet waaruit naar redelijke verwachting valt aan te nemen dat de bouwwerkzaamheden binnen afzienbare tijd gaan beginnen, sprake te laten zijn van een woning in aanbouw. Deze uitleg van het begrip ‘woning in aanbouw’ voor de eigenwoningregeling wordt in de praktijk ook toegepast door de Belastingdienst.

Woning in aanbouw en tijdelijk verruimde schenkingsvrijstelling
Het alleen ondertekenen van een koop/aannemingsovereenkomst in 2014 voor een nieuwbouwwoning of een koopovereenkomst voor een bestaande woning is onvoldoende voor toepassing van de tijdelijk verruimde schenkbelastingvrijstelling in 2014. De besteding van het geschonken bedrag ten behoeve van de eigen woning in de zin van artikel 3.111 lid 1 of lid 3 Wet IB moet voor toepassing van de tijdelijk verruimde vrijstelling van de schenkbelasting in 2014 geschieden. Indien en voor zover het geschonken bedrag pas na 2014 wordt besteed aan bouwtermijnen is de tijdelijk verruimde vrijstelling daarop niet van toepassing. Op deze hoofdregel wil Wiebes één versoepeling aanbrengen. Voor situaties waarin in 2014 al een begin is gemaakt met de besteding van een geschonken bedrag voor een woning in aanbouw, is hij voornemens goed te keuren dat indien het geschonken bedrag in 2014 nog niet geheel kan worden besteed aan de woning in aanbouw omdat in 2014 nog onvoldoende bouwtermijnen zijn vervallen, de tijdelijk verruimde vrijstelling dan toch van toepassing kan zijn op de besteding van het resterende bedrag in 2015. Hij overweegt hierbij als voorwaarde op te nemen dat de levering van de bouwgrond bij notariële akte in 2014 heeft plaatsgevonden.
Bart Riteco